Van avontuurlijke spring-in-'t-veld via 'n hersenbloeding naar voortijdig gepensioneerde freubelende vrouw met kort lontje.
Mijn telefoon gaat. Dát gebeurt niet vaak.
Ik telefoneer namelijk niet meer. Het doet pijn aan mijn oren en ik kan een verhaal niet volgen. En als ik wordt verrast door iets wat ik niet verwacht begin ik te stotteren of te huilen.
Ik héb wel een telefoon. Om 112 te kunnen bellen. Voor de verplichte ‘ik ben op mijn bestemming aangekomen’ smsjes naar Lief, en voor mijn mama/zus hotline.
Gisteren heb ik braaf naar mama gebeld (ik weet namelijk niet of zij smsjes kan lezen). Dat ik veilig uit de trein was gestapt en mijn fiets op het station had gevonden. Maar ze nam niet op. Dus nu mijn telefoon gaat neem ik aan dat zij het is.
In alle vermoeidheid en drukte van mijn wereldreis uitje naar Indra heb ik echter helemaal niet naar mama-mobiel gebeld maar per ongeluk naar iemand anders. En die belt nu dus terug. En ik neem, nietsvermoedend en mamaverwachtend, op.
Ik ken haar al tien jaar. En heb haar al 2 jaar niet gesproken…
Ze zegt ze dat ze zo blij is dat ik haar belde. Ik vertel haar dat ik eigenlijk mijn moeder belde. Vervolgens vraagt ze snel en kort hoe het gaat, waar ik last van heb en door welke hersengebieden mijn klachten worden veroorzaakt.
Ik zeg niet veel. Ik sla dicht.
Kennelijk was noch blog, twitter of facebook een middel voor haar om zich te informeren.
Ik probeer hier op dit blog al twee jaar te laten weten hoe het met me gaat en waar ik last van heb, en nog steeds vind ik het moeilijk, ongrijpbaar, onuitlegbaar. En dus zeker in het kort aan de telefoon niet beantwoordbaar. Dus vraag ik maar hoe het met haar is.
Vijf minuten lang heb ik veelvuldig lukraak uhuh en o ja gezegd. Ik kan het serieus niet volgen, zeker niet in vermoeide verbouwereerde toestand, dus uhuh lijkt dan nog het meest adequaat. Dan vraagt ze me hoe het toch komt dat ons contact zo verwaterd is.
Mezelf verbazend kom ik tot mijn enige kordate zin van het hele telefoongesprek. Dat ik te moe ben om dat uit te leggen. Dat ik net thuis kom, mijn pyama aan wil en naar bed.
Beduusd hang ik op.
Het klopt dat ons contact verwaterd is. Zoals met zoveel mensen van vroeger. Ik heb veel verdriet gehad van verwaterde vriendschappen, van mensen die nooit meer wat hebben laten horen, of zo mondjesmaat en vaag dat ik er niks mee kon.
Ik had natuurlijk zélf actiever banden kunnen aanhalen. Maar ik heb er vanaf het begin moeite voor gedaan om de energie die dát kostte te laten liggen. Ik had het tenslotte nogal druk in dat ziekenhuis, in dat revalidatiecentrum, en ook thuis.
Ik moest me herinneren hoe ik mijn tanden ook alweer moest poetsen. Hoe ik zonder mezelf te verbranden iets te eten kon maken. Hoe ik op kon houden met huilen. Leren lezen. En nog 1001 andere dingen waar ik niet zo snel op kom nu.
En hoewel de meeste basale dingen inmiddels weer lukken besteed ik nu mijn energie aan nieuwe dingen om te leren. Dingen die mijn leven leefbaar maken en die energie en aandacht van me vragen.
Vorig jaar schreef ik al eens een stukje over mijn selectieve geheugen en dat als jij míj niet benadert of me laat weten dat je er bent, ik waarschijnlijk ook niet aan jou zal denken. Dat is geen onwil hoor. Dat is hersenletsel.
Er zijn nog steeds mensen van vroeger in mijn leven. Mensen die mijn gebruiksaanwijzing kennen en bereid zijn om daarmee te werken. Zoals er ook nieuwe mensen in mijn leven zijn. Mensen die een plekje hebben in mijn leven, ook op momenten dat ik tijden niet aan ze denk. En de mensen die niet meer in mijn leven zijn? Die mis ik nog steeds soms. Sóms, want veelvuldig gehuild daarover heb ik al. Lang geleden. Toen ik meer dood dan levend was.
De mensen die er nog zijn weten dat het van hún kant moet komen. Die mailen of twitteren: ik heb je lang niet gezien; hier zijn drie data waarop we … kunnen gaan doen. Mensen die mijn energie en volle aandacht meer dan waard zijn.
Dat dat zuur is? Ja. Eenzijdig? Misschien in het initiatief wel. Maar ik heb ook niet om dit hoofd gevraagd.
Je leest mijn blog, dus je weet waarschijnlijk dat ik telefoonangst heb. Dit is dus voor een telefoonangstige echt de grootste nachtmerrie. Dat je iemand belt die je eigenlijk niet wil bellen en er dan met moeite vanaf komt. Onvergelijkbaar natuurlijk. Ik heb niet eens een goed excuus. Wat ik eigenlijk wil zeggen is zoals altijd, respect maar weer eens. En ietwat off topic: dank voor het opheffen van mijn blogblock. Moet ik ook nog even @hondaluza laten weten trouwens.
Hahaha ik zou er ook haast telefoonangst van kríjgen!
Ik was blij dat ik weer een stukje van je kon lezen. Je schrijft zo leuk en ik miste je! En dat block heb je zelf opgelost hoor, ik heb je alleen maar een beetje uitgedaagd!
mee eens :-) En over die telefoon moet ik ook eens bloggen.. #binnenkort
Lieve Ragna.
Je weet niet half (denk ik) hoeveel jouw blogs voor mij en mijn lief betekenen.
Ik zal niet snel een boek kopen van een (brrr, rotwoorden) lotgenoot of ervaringsdeskundige, is ook te veel ineens. Maar zo steeds een stukje lezen is goed om te doen.
Hoe jij dingen onder woorden brengt zijn steeds weer stukjes voor ons om over te denken en vooral te praten. En meestal ook om te huilen.
Jij geeft de woorden aan wat ik zou willen vertellen, willen uitleggen, maar niet kan.
Daarbij is het heerlijk om te lezen dat ik niet de enige ben…
Enne: je was geweldig om mij tóch een persoonlijke e-mail te sturen toen ik weer een infarct had. Heel veel dank!!!!
Heel graag gedaan lief Pollewopje! En ik ben blij dat mijn stukjes iets betekenen voor jou en je Lief.
Het vinden van woorden is inderdaad zo belangrijk, en zó moeilijk bij zo’n ingewikkeld iets als een opgerommeld hoofd!
Opgerommeld…. Hihihi…onze Siamees heeft het nieuwe kussen voor de hond ingepikt. Dat groot oranje kussen met als opschrift: dream4dogs..en dat kussen wordt door de kamer gewerkt, ondersteboven gehaald, als ballenbak gebruikt en ziet er niet uit.
Het is nog steeds oranje, nog steeds om op te liggen, het is nog een kussen, maar wel opgerommeld …..
Wij houden dat woord erin, geweldig..
Wat een bijzonder logje.
Ik vind het steeds weer zo bijzonder hoe jij met woorden kunt aangeven wat je meemaakt/ervaart.
Knap, ook.
je bent wel een prachtmens!!!
Misschien eens een paar van die nummers uit je telefoon halen. Waarom zou je die mensen ooit nog bellen. Zelfs per ongeluk is dat zonde van je tijd en energie.
*grinnikt* die nummers staan er eigenlijk in zodat ik niet per ongeluk opneem… (die ene keer per 2 maanden dat iemand mij belt)
Onbekende nummers neem ik vaak wél op (of geef ik aan Lief), want dat kan huisarts, uwv, ziekenhuis of apotheek zijn… Áls ik mijn telefoon al aan heb staan en in de buurt heb dan..
Nou ja zeg… Dat het contact verwaterd is lijkt me vooral te maken hebben met gebrek aan inleving van haar kant (‘inlezing’ eigenlijk).
Geweldig dat je je uitleg hebt afgekapt!
En dan vind ik het zó geweldig dat je af en toe toch nog even aan mij denkt. Lieve schat, je bent mooi, bijzonder, lief, aardig, lekker gek en als mensen echt om je geven, dan nemen ze wel contact met JOU op en hebben ze begrip. De rest… ach…. *knuffelt zich weer ‘kapot’*
Wat goed en wat een talent dat je dit onder woorden kan brengen. Echte vrienden kunnen dit gelukkig wel voor je betekenen.
Kanjer! Dat komt in me op; heldere, dappere kanjer, die geen keus heeft dan een kanjer te zijn en
op die manier mijn respect verdient.